Het verhaal van Leonie

Leonie heeft faalangst. In groep 8 begonnen haar klachten. Ze was altijd bezig met haar eigen prestatie in relatie tot die van anderen. Haar angst om te falen werd op een gegeven moment steeds heftiger. In plaats van haar klachten te omarmen, ging ze heel hard werken. Inmiddels heeft ze haar masker afgedaan en is ze open over haar angsten. Door een brief te schrijven, vertelde ze de mensen om haar heen over haar faalangst. Ze heeft het gevoel dat ze weer opbloeit!

“Ik hield mijn faalangst lange tijd voor mezelf. Ik was bang voor wat andere mensen van mij zouden denken. Toen ik een jaar geleden instortte en niet meer kon werken, moest ik het wel vertellen aan mijn omgeving. Aan de huisarts en op mijn werk deed ik dat face-to-face. Aan de mensen die dichtbij mij stonden, schreef ik een persoonlijke brief, ik kon de fysieke confrontatie met hen niet aan. In de brief vertelde ik dat het niet goed met me ging, waar ik tegenaan liep en dat ik niet aan het werk was. Soms deed ik de brief op de post, soms sprak ik af om de brief te overhandigen. Maar ze mochten de brief dan wel pas openen als ik thuis was”, zegt Leonie lachend. “Veel vrienden reageerden geschokt op de inhoud van mijn brief. ‘Het kán niet dat jij dit bent’. Maar die shock veranderde al snel in bewondering voor het feit dat ik mijn masker af had gedaan.”

Tips van Leonie

Als je zelf een angststoornis hebt:

Je kunt óveral open zijn, het gaat om de persoon die tegenover je zit. Daar moet je je prettig bij voelen. 

Geef je eigen grenzen aan: Je bepaalt zelf hoeveel je vertelt. ‘Ik zit niet lekker in mijn vel en ik vind het moeilijk, maar ik wil het hierbij laten’, is al voldoende.

Als je iemand kent met een angststoornis:

Durf jezelf kwetsbaar op te stellen. Als je het moeilijk vindt of getwijfeld hebt om het onderwerp onder de aandacht te brengen, geef dit dan aan.

Als je het gesprek aangaat, zorg er dan voor dat je tijd hebt om te luisteren.

Benieuwd hoe je een angststoornis bespreekbaar maakt? Bekijk hier alle tips.

'De angst om te falen werd steeds heftiger'

“Mijn klachten begonnen in groep 8. Als ik voor de klas moest staan, was ik angstig en werd ik rood. Ook zag ik erg op tegen toetsen, ik was bang om dicht te slaan. Die angst voor falen werd steeds heftiger. Het begon met piekeren, één dag voorafgaand aan een toets. Maar dat veranderde al snel in dágen van tevoren. Uiteindelijk kreeg ik echte paniekaanvallen.”

'Inmiddels heb ik mijn masker afgedaan'

“Door mijn faalangst en bijkomende stress presteerde ik lager dan wat eigenlijk binnen mijn bereik lag. In plaats van dat ik mijn klachten omarmde, ging ik juist heel hard werken of studeren om ‘de beste’ te zijn. Hiermee compenseerde ik als het ware wat ik van binnen voelde. Mijn dromen voerde ik niet uit. Ik dacht; zo lang ik gewoon blijf dromen, kan ik hoop blijven houden in dat mijn dromen wél gaan uitkomen. Inmiddels heb ik mijn masker afgedaan. Nu ik over mijn angsten praat, merk ik dat anderen juist kunnen helpen om mijn dromen waar te maken. Hierdoor kan ik eindelijk gehoor geven aan wat ik van binnen voel. Ik sta nog op een wachtlijst voor de juiste therapie, maar ik merk nú al dat ik opbloei door erover te praten. Ik leer mijn angsten ook beter begrijpen en kan ze daarmee beter opvangen!”

Illustratie van een geborduurde spreekwolk met het woord 'Atychifoob' erin

Leonie's atychifobie

Atychifobie ken je misschien als faalangst. Als je hier last van hebt, ben je bang dat een bepaalde taak mislukt, zoals een tentamen maken of presentatie geven. Je bent dan zó zenuwachtig, dat je bijvoorbeeld misselijk bent of niet meer helder kunt nadenken.